Casus 6: Hulpverlening en verzorging na het huisverbod

De buurvrouw van de 82-jarige mevrouw Van Dijk belt de GGD. Ze heeft haar buurvrouw al een tijd niet gezien en zag ook al ruim een week geen bezoek langskomen. Ze maakt zich daarom ongerust. Bovendien heeft ze last van stank en ongedierte…

De sociaal verpleegkundige van de GGD neemt een kijkje en treft een ernstig verwaarloosde en vervuilde mevrouw Van Dijk aan. Ook heeft mevrouw Van Dijk blauwe plekken op haar armen en bovenbenen. Uit schaamte of angst laat ze hier echter weinig over los.

De sociaal verpleegkundige schakelt vervolgens algemeen maatschappelijk werk in. Na een aantal gesprekken blijkt dat de mantelzorger van mevrouw Van Dijk, kleindochter Anne van 34, haar grootmoeder ernstig verwaarloost en haar mishandelt wanneer zij hier over klaagt. Het vermoeden bestaat dat bij Anne sprake is van psychische problemen en verslavingsproblematiek.

Anne heeft geen vast woonadres, maar is regelmatig bij haar grootmoeder in huis en bezit als enige naaste een reservesleutel. De situatie is dermate ernstig, dat een huisverbod wordt opgelegd.

Na het opleggen van het huisverbod zorgen de sociaal-verpleegkundige en de maatschappelijk werker er samen voor dat mevrouw Van Dijk een aantal dagen per week naar de dagopvang van de lokale ouderenzorg gaat. Ook krijgt ze weerbaarheidstraining en psycho-educatie van maatschappelijk werk, om duidelijk haar grenzen te stellen richting Anne.

Tot slot is geregeld dat de wijkverpleegkundige en een thuiszorgmedewerkster dagelijks bij mevrouw Van Dijk komen, om haar huishoudelijke taken te verrichten en haar te helpen met de persoonlijke verzorging.

Deze situatie is in afwachting van de indicatie waarmee mevrouw Van Dijk definitief in een verzorgingshuis kan worden opgenomen. Anne wordt geholpen door de reclassering. Er wordt een opname geregeld bij verslavingszorg en ze word geholpen bij het regelen van alternatieve woonruimte.