Casuïstiek

In veel casussen waarin het huisverbod bij ouderenmishandeling is opgelegd, speelt de zorgafhankelijkheid van de pleger geen rol, zo blijkt na nader onderzoek. Wel is dan sprake van een vorm van psychische afhankelijkheid.

Combinatie geweld en uitbuiting

De combinatie van fysieke mishandeling met psychisch geweld en/of financiële uitbuiting keert vaak terug. Het gaat dan om een (schoon)kind of kleinkind dat bij de oudere inwoont en waarbij sprake is van psychiatrische problematiek of een alcohol- of drugsverslaving.

Relatie tussen pleger en slachtoffer

De relatie tussen pleger en slachtoffer, namelijk het verslaafde of zieke kleinkind en de oudere, is in deze situaties gecompliceerd. Enerzijds wil de oudere dat de mishandeling stopt en het (klein)kind uit huis gaat om zijn/haar leven elders op de rit te krijgen, maar anderzijds maakt de oudere zich ook zorgen om de pleger. Het komt voor dat het huisverbod door de pleger wordt overtreden, maar de ouder het (klein)kind evengoed terug in huis neemt of geld toestopt.

Meer werk voor de hulpverlening

Het huisverbod bij ouderen betekent in die situaties meer werk voor de hulpverlening. Extra inzet door de thuiszorg, maatschappelijk werk of ouderenwerk is nodig om de oudere ervan te overtuigen dat de situatie niet acceptabel is. Een daadkrachtige houding is dan belangrijk en assertiviteits- of weerbaarheidstrainingen zetten hierop in.

Gewenste effect

Ook een huisverbod dat wordt overtreden (door hetzij de uithuisgeplaatste, hetzij het slachtoffer) kan toch leiden tot het gewenste effect, omdat er blijvend iets in gang is gezet: het geweld is gestopt en er is hulpverlening gestart die gericht is op het verbeteren van de relatie tussen pleger en slachtoffer, op het assertiever maken van de oudere, hem/haar beter om kunnen laten gaan met de agressie, bewust maken van de ernst van de situatie, en vooral: de instanties hebben de situatie in beeld en kunnen blijvend inzetten op de aanpak van de problemen.

Resultaat huisverbod

Bij de pleger heeft het huisverbod bijvoorbeeld regelmatig geleid tot een behandeling binnen verslavingszorg of een psychiatrisch onderzoek, en hulp bij praktische zaken zoals het op orde krijgen van financiën, het vinden van een baan en andere woonruimte. Bij het slachtoffer gaat het dan om psycho-educatie en reguliere gesprekken met maatschappelijk werk.